Laatste berichten

.......................................





~Dit ben ikje~



  • Hallo allemaal, welkom op denkendoetgeenzeer!
    (Uit het brein van Wenz, ongeveer een kwart eeuw oud, brengt haar dagen door in een boekhandel.) Aangezien het enige waarin wij compleet vrij zijn denken is, wil ik dit ambacht hoog in het vaandel houden. Denken over kleine en grote dingen in het leven, gedachten over onbenulligheden, rariteiten en hersenspinsels dwarrelen over deze site. Enjoy !
    ~Een welgemeende groet~
    Wenz

web-log.nl, powered by TypePad

« november 2006 | Hoofdmenu | januari 2007 »

*2007


Speciaal voor Epi: klik je even op bovenstaande afbeelding? :P

Morgen zal web-log omkomen in de beste wensen, ik plaats mijn wensen dus maar op voorhand.

Alle goeds voor het nieuwe jaar!


Denkendoetgeenzeer zal 2007 op gepaste wijze inluiden. Tijd voor een nieuw drieluik!

Ditmaal zal ik een poging doen de 7 hoofdzonden in groepjes van twee of drie in een verhaal te verwerken. Uiteraard een typisch Wenz-verhaal, verwacht geen bijbelse vertellingen. Duiveltje_3


 

Even op een rijtje, de zeven hoofdzonden:

1. Superbia (hoogmoed - hovaardigheid - ijdelheid - trots)
   2. Avaritia (hebzucht - gierigheid)
   3. Luxuria (onkuisheid - lust - wellust)
   4. Invidia (nijd - gramschap - jaloezie - afgunst)
   5. Gula (onmatigheid - gulzigheid - vraatzucht)
   6. Ira (woede - toorn)
   7. Acedia (gemakzucht - traagheid - luiheid - vadsigheid)

Al is het een onderwerp dat al vele malen beschreven is, ik hoop er mijn persoonlijke draai aan te kunnen geven om zo ook in 2007 de nodige woordelijke afleiding te verzorgen voor mijzelf en u, lieve lezers.  Alvast een heerlijk nieuw jaar gewenst, overlopend van gedachten, want denken doet nog steeds geen zeer! Cyclop_1

*For you

En dan allemaal nog even in het restaurant al je frustraties eruit schreeuwen. Fris het nieuwe jaar in, hoppa.

*Hier, nu.

De bus was leeg. Hij legde zijn strippenkaart neer, bekeek de onbekende man achter het stuur even, liep toen naar de vierde rij stoelen en nam plaats. Helemaal vooraan gaan zitten impliceerde dat hij uit was op een gesprek met de bestuurder, helemaal achteraan gaan zitten impliceerde dat hij op een of andere manier iets te verbergen had. Beide zaken wilde hij voorkomen, de vierde rij leek de veiligste keuze.

In gedachten verzonken reden ze het centrum uit, langs het kanaal, door het park, de naastgelegen wijk in. Geen enkele tussenhalte was bemand, de bus bleef even leeg. Hij vroeg zich af of hij weleens de hik had gehad in publieke gelegenheden. Of een wind had gelaten in de bus. Hij kon zich wel herinneren hartje zomer naar zweet ruikend naast een aangenaam gevormde blonde dame plaats te hebben moeten nemen op dit traject. De rit kon hem niet snel genoeg voorbij zijn, hij grinnikte nu om zijn krampachtige gedrag toen. Zijn armen langs zijn lichaam persend probeerde hij buiten het bereik van haar neus te blijven en toch nonchalant te ogen. Tevergeefs natuurlijk, maar niemand was nog fris op dat uur van de dag, in die temperaturen.

Hij had nog gehoopt haar later nog eens tegen te komen, fris en kreukloos gekleed, maar ze was nooit meer in de bus verschenen wanneer hij er gebruik van maakte. Daar kon hij herhaaldelijk minutenlang over inzitten, dat ze hem op z'n slechtst tegengekomen was. Nooit zou hij de kans meer hebben een betere indruk op haar te maken. Niet dat zij nog een gedachte aan hem zou besteden, waarschijnlijk had ze hem niet eens echt opgemerkt, maar toch. Als het anders gelopen was.

In gedachten verzonken kon hij hele scenario's doorlopen, beleven en altijd was hij rap van tong, galant en innemend. Struikelen was er nooit bij, zoals die keer dat hij de toiletdeur tegen zijn rug geduwd kreeg en voorover duikelde in de kroeg. Nee, in de beschermde omgeving van zijn geest kon er niets misgaan. Maar al te vaak had hij delen van zijn leven opnieuw beleefd wanneer hij alleen was. Zo zette hij zijn miskleunen recht, won hij harten voor zich en maakte hij de meest bijzondere avonturen mee. Hij keek op, de bus naderde zijn halte al aardig. Nog steeds geen medepassagiers, het was een rustige rit. Bij het zebrapad stond een jonge vrouw, diep weggedoken in een rode jas. Hij stelde zich voor hoe ze de bus in zou stappen. Hoe ze hem zou aankijken, en dan naast hem plaats zou nemen.

Hoe ze in een geanimeerd gesprek verwikkeld zouden raken, waarbij zij veelvuldig om hem moest lachen. En dat ze beiden tegelijk naar elkaars telefoonnummer zouden informeren. Dat zij hem zou uitnodigen met haar mee naar huis te gaan om samen te dineren. Dat ze daar tot over haar oren verliefd op hem zou worden en in de vroege ochtenduren voldaan zou zuchten dat hij de beste minnaar ooit voor haar was geweest. 

"Gelukkig getrouwd zeker?" Hij schrok op. De chauffeur keek via de spiegel naar hem, wachtend tot het verkeerslicht op groen sprong. "Uh... Nee. Hoezo?" Met de handen op het stuur schuddebuikte hij:  "Dan had je die dame wel een knipoog mogen geven, maat! Die mocht er best wezen hoor." Niet begrijpend keek hij de vrolijke man aan. "Ja jongen, als die dame bij het zebrapad zojuist door het raam had kunnen vliegen had ze zo op je schoot gezeten als je het mij vraagt! Zij zag wel wat in je, zonder twijfel. Ik zag haar staren, en naar mij was het zeker niet, hahaha!" Ongelovig lachte hij nu terug. "Die dame in de rode jas?" "Ah! Je hebt haar wel degelijk opgemerkt dus!" De man knipoogde naar zijn passagier en trok op om zijn route verder af te werken.

Beduusd keek hij achterom, maar het zebrapad was al ver achter hen gelaten. Als hij nu maar naar haar was blijven kijken in plaats van meteen te dagdromen! Dan had hij haar smachtende blik niet gemist, en had hij haar wel een teken gegeven dat hij de volgende halte uit zou stappen! Dan had hij daadwerkelijk dat gesprek met haar kunnen voeren, waarin zij veelvuldig om hem zou hebben gelachen. Hij zuchtte en bedacht welk teken het duidelijkst zou zijn geweest. Zijn hand opsteken en dan naar de volgende halte wijzen? Haar wenken en vervolgens naar de deur van de bus gebaren? Dat was nog best een lastige eigenlijk: iemand duidelijk maken elkaar te treffen bij de volgende halte.

"Hier stap je toch altijd uit als ik me niet vergis?" De bus stond stil. Wederom keken twee ogen hem vanuit de spiegel aan. "O, ja, inderdaad, ik was er niet helemaal bij." stamelde hij. "Bedankt voor de oplettendheid." Hij stond op en liep snel naar de deur. "Tot ziens weer!" De chauffeur hief amicaal zijn hand. "Uh ja, tot ziens. En nog bedankt he." In gedachten verzonken liep hij naar huis, nog even overwegend het zebrapad van zojuist op te zoeken. Nee, ze zou allang weg zijn nu. Jammer: een gemiste kans. Als het nu toch eens anders gelopen was...

*Project

Eindelijk mag ik dit logje plaatsen!

Het is onderhand traditie aan het worden: één van de twee Kerstdagen brengen kRonkel, waarmee ik nu alweer een aantal jaren bevriend ben, en ik met elkaar door. (Begonnen als een uitvlucht voor kRonkel om niet de hele Kerst bij zijn ouders te hoeven doorbrengen, nu vooral een gezellig samenzijn en bijklets-moment.) Dit jaar hadden we in een opwelling besloten geen cadeautje voor elkaar te mogen kopen. Nee, we zouden iets voor elkaar KNUTSELEN. Lekker retro.

Zo gezegd, zo gedaan. Wekenlang heb ik geschaafd, gevijld, gehakt, gekapt, gepolijst en genoten. Ik heb een voorliefde voor kevers en insecten. kRonkel heeft ooit overwogen een Ant Farm aan te schaffen, zijn verse web-log draagt zelfs de naam van die krioelende beestjes. Het idee was bij mij dan ook al snel geboren: een stenen mier fabriceren. Het was een gokje, ik moest ruim op tijd beginnen om eventueel falen te compenseren met een dan te bedenken plan B. Maar wonderwel lukte het me en ik kan niet anders dan blij zijn met het eindresultaat. Al mijn schrijfsels deel ik al met u hier op web-log: nu dan wat foto's van iets tastbaars dat uit mijn geest ontsproten is!

*Hitchcock

Geweldige reclame. Ze zijn er sowieso goed in, maar deze spant toch wel de kroon.

*Stokje

"Dat lust ik niet" hoort u mij bijna nooit zeggen. "Dat krijg ik niet mijn strot af" daarentegen wel. Dat is niet omdat ik graag lomp overkom, maar simpelweg omdat het de waarheid is. Het is niet de smaak. Dingen die ik niet wil eten, 'niet lust' zo u wilt, eet ik niet omdat de substantie me niet aan staat. Het gaat ver. Schuif mij een vetrandje toe en ik deins achteruit. Probeer mij kaas te laten eten en ik braak over uw tafel. Gezellig een avocado nuttigen in mijn bijzijn? Ik grimas alle plezier uit het samenzijn. Dan heb ik het nog niet eens over koude dingen die warm behoren te zijn, of dingen die op de vloer liggen maar op je bord behoren (alleen door in een lunchroom te gaan werken jaren geleden heb ik mezelf kunnen trainen in het oppakken van voedsel zonder te rillen/gillen/kokhalzen...). Hoe ik ook probeer: ik kan er maar geen vriendjes mee worden.

Gelukkig zijn er ook prettiger omstandigheden waarin ik kan verkeren: zondagochtend, een uurtje of negen. De kans is groot dat u mij met een emmer, slang, dweil, afwasrek of ontkalkingsmiddel tegenkomt, mocht u in mijn huis vertoeven. Van uitslapen heb ik nog nooit gehoord, naar de kerk gaan is geen hobby van me. Wanneer de wereld stilvalt, het kruispunt onder mijn raam uitgestorven lijkt en mensen hun roes uitslapen raas ik door het huis. Muziekje erbij, sigaretje tussendoor, croissantjes in de oven en mijn zondag is compleet.

Dan is er natuurlijk altijd nog het moment waarop iemand onverwacht de aandacht op mij vestigt. In de kroeg voer ik het hoogste woord, maar overval mij op een onbewaakt moment met afwachtende blikken en ik klap dicht. Met rode wangen stamel ik iets onverstaanbaars, ondertussen mijn lichaam afwendend en Iets Belangrijks Dat Ik Te Doen Heb voorwendend. Om vervolgens een half uur uit mijn doen te zijn, mokkend vernietigende blikken naar de boosdoener werpend en mezelf voornemend nooit, maar dan ook nooit meer iets te zeggen.

Het is drie minuten lopen van hier naar daar. Dus vijf minuten van tevoren weggaan moet voldoende zijn. Twintig minuten voor ik er moet zijn heb ik het gevoel op te moeten schieten. Een kwartier voor ik er moet zijn heb ik op onverklaarbare wijze mijn jas al aan. Resultaat: Ik ben altijd te vroeg op het station. En daar sta ik dan; tien minuten lang te balen in de kou. Me voornemend dat morgen toch echt anders te doen.

Muziek dient meegezongen te worden. Achter de pc zittend, vals en fonetisch als het even kan. Vergezeld van gepaste bewegingen en gezichtsuitdrukkingen. Liefst in totale afzondering, maar na jarenlange blootstelling aan dezelfde persoon ook wel in gezelschap. Bij deze mijn oprechte excuses aan eenieder die hier ooit getuige van moest zijn.

Heb ik u al verteld van mijn grootste hobby? De hele dag door, na iedere beweging, met mijn hand achter mijn rug reiken en even aan het randje van mijn trui trekken zodat hij niet net achter je broekrand of riem blijft haken omdat ik dat zo'n dom gezicht vind?


-Nu had ik hier eigenlijk een doorgeeflogje moeten plaatsen waarin ik zes rare dingen van mijzelf vermeld, op verzoek van Polle, maar ik kan zo snel niets vreemds verzinnen aan mijzelf. Ach ja, volgende keer beter wellicht.-


Oh ja: tevens is het de bedoeling dit zes andere mensen ook te verzoeken. Geen zin? Lekker niet doen. Wel zin? Gooi dan even een linkje hieronder als 'ie op je log te bewonderen is.

De zes genodigden (zomaar een greep):
Epi
Colinda
Marijne
Niemand
Gobboe
Yo
en iedereen die zin heeft zijn vreemde gewoonten te delen met de webloggende medemens natuurlijk, want eigenlijk ben ik er bij jullie allemaal wel nieuwsgierig naar.

*Vermengelmoest

Wakker worden, de gordijnen openen en zien dat het naastgelegen huis weg is: een rommelige leegte van gruis en bulldozers. Tijdens de veel te vroege afwas merken dat de mist achter het keukenraam verdwijnt en de cd al meegezongen kan worden. De eerste dag dat de handschoenen aangetrokken worden: een record-datum, op de valreep nog, dit jaar. Het zien van de kalende man op straat die verdiept in een puntzak snoep op zoek is naar dat ene dropje dat onderin vastplakt: de onschuld daarvan waardoor hier dan weer een glimlach doorbreekt. De pas verkregen planten die, ondanks goede bedoelingen, toch weer blijken te sterven in huis. De vreugde om het langlopende project dat naar tevredenheid afgerond is en op de houten kist af staat te zijn. De plotselinge uitval naar de ongeduldige klant, zonder enig schuldgevoel. De sigaret bij de afgelegen rookpaal die beter smaakt dan de gemiddelde maaltijd. De koe op het perron die me een vernietigende blik toewerpt omdat de trein uit dezelfde richting als haar vriendje komt.

Terugdenken aan woorden die eindelijk gevonden werden, het hebben kunnen delen van dat wat niet gedeeld kan worden, en daarvan genoten hebben. Opzien tegen morgen. Naar huis lopen terwijl de zon weer ondergaat. Boodschappen op de achterkant van het pakje sigaretten die omgezet moeten worden in een volle tas. Het openen van de brievenbus, het vinden van een anoniem pakketje. Een grijns bij het openen, de zender traceren en bedanken voor het leesplezier dat gaat komen. De uit elkaar spattende fles dressing bij de kassa verderop, de klusjesman die verschrikt uit het kopieerapparaat kruipt en blijft staren alsof het wereldnieuws is. Drie bussen goedkope slagroom voorlaten uit plotseling opwellende Kerstgevoelens. De opwarmende woonkamer en de chocola voor het avondeten. Het schrijven van dit logje zonder rode draad. But what really helps a lot is the knowledge that it's nothing but the time it takes. Het aanzetten van de afzuigkap en het sluiten van de gordijnen. Morgen weer een dag.

*Neem uw tijd

Na bijna een jaar loggen (nog steeds met veel plezier overigens) wil ik graag, nu ook het eind van het kalenderjaar nadert, van u weten welk genre, welke schrijfstijl, welke woordkeuze, welke onderwerpen, welke verhalen u het meest aangesproken hebben hier. Het is alleen nieuwsgierigheid, ik ga mijn log-onderwerpen er niet op aanpassen, ik blijf doen wat ik doe, maar wil voor mijn eigen beeldvorming graag weten door welke ogen u kijkt.

Hoe gaan we te werk? Ik heb zeven logs uitgekozen die ik persoonlijk erg aangenaam vond. Dat kan om uiteenlopende redenen zijn maar feit blijft dat ik ergens op moet selecteren, ik kan niet van u verlangen heel mijn log opnieuw te lezen. Hiernaast is een poll uit de grond gestampt alwaar u uw keuze kenbaar kunt maken. (Mocht u nu niet kunnen kiezen, smijt dan simpelweg uw cookies weg en stem doodleuk twee keer.) Hieronder volgen de linkjes van de betreffende uitverkorenen. Ik zou het leuk vinden als u even laat weten waar uw geest naar uitgaat.

Van oud naar nieuw:

Bonmelding.

Weekendje weg.

Ik ben wie je denkt dat ik ben.

Zijn meisje III.

Droomdaad.

Die Twee.

Eenakter.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


Dank voor alle stemmen, het was leuk te volgen hoe de nummer één veranderde, grappig te merken waar onverwachte voorkeuren lagen en fijn om een beeld van jullie favorieten te hebben gekregen. :)

De eindstand op 1 januari 2007:

Die Twee. [21.7%]
Weekendje weg. [20.3%]
Eenakter. [18.8%]
Droomdaad. [11.6%]
Bonmelding. [10.1%]
Ik ben wie je denkt dat ik ben. [10.1%]
Zijn meisje III. [7.2%]
Stemmen: 69

*10 goede redenen

Zachtjes wrijft ze met het topje van haar pink langs haar neusvleugel. Ze wacht. Tot de deur weer opent, het kale vertrek waarin ze zich bevindt kortstondig met een verdwaalde zonnestraal opgelicht wordt. Ze kijkt al minutenlang naar de muur tegenover haar. Op dit soort momenten probeert ze krampachtig nonchalant ontspannen te zijn en geen verkeerde beweging te maken, je weet maar nooit of er bewakingscamera's hangen. Dat de man die nu haar formulieren opzoekt haar eigenlijk een kamer verderop via een monitor observeert, hopende op iets gênants.

Op tafel een schaal nootjes, uit de toon vallend in deze omgeving. Het schilderij waar ze uitzicht op heeft is opgebouwd uit schakeringen blauw gecombineerd met vage witte gezichten. Lekker veilig. Lelijk. Ze neemt een nootje, schat de versheid tussen haar duim en wijsvinger: het kan nog wel. Ze stopt hem in haar mond, kauwt bedachtzaam. Aan haar duim een klein driehoekje noot, afgebroken en achtergebleven. Ze legt het dingetje op tafel, schuift het met haar middelvinger iets van zich af. Een vettig streepje verschijnt op de gelakte tafel. Ze zoekt de hoeken van het plafond op met haar ogen, geen verdachte kastjes te ontwaren. Ze duwt het driehoekje van links naar rechts, langzaam ontstaat een patroon.

Een laatste beweging en het driehoekje is verkruimeld tot de strepen op het blad. Zachtjes veegt ze de restjes weg, de lijnen weer onzichtbaar makend. Ze vouwt haar armen om haar middel, wacht achterover geleund in de stoel op haar tafelgenoot. Telt de gezichten in het blauw. Zes. Ook dat is lelijk, even getallen horen niet thuis in kunst. Regelmaat en orde is voor schoonmoeders en onderzoekers. Maar vijf maakt een hand, zeven een week. Het is hoe dan ook nooit goed. Ze wrijft zachtjes met het topje van haar pink langs haar neusvleugel. Verveling gecombineerd met onbekendheid maakt ongemakkelijk. De klink springt omhoog, de deur blijft gesloten. Nog een poging, dan kreunt hij zachtjes een kier vrij.

Zonlicht op de tafel. Hij komt eindelijk binnen, twee plastic bekertjes en de papieren in zijn handen, zijn elleboog als hefboom voor de klink gebruikt. Ze maakt een gebaar, een halfslachtig opstaan uit beleefdheid, wetende dat hij met twee stappen bij de tafel is en geen hulp behoeft. Tegelijkertijd zakken ze in hun stoelen. Thee wordt naar de overkant geschoven, de koffie blijft aan zijn zijde. "Zo. Ter zake dan maar?" Ze knikt terwijl ze het dampende bekertje optilt. "Waarom heb je op deze vacature gereageerd?" Ze brandt haar vingers. Terwijl hij de zin uitspreekt glipt de hete thee uit haar hand. Plastic rotzooi, een mens heeft geen handschoenen in zijn achterzak voor deze momenten.

Ze springt op, de thee druipt langs het tafelblad omlaag. Haastig proberen ze beiden de vloerbedekking te sparen, maar het spat al op de beige ondergrond. "Servetjes." Ze kijkt hem vragend aan. "Op de gang links." Hij knikt richting deur terwijl hij zijn handen tegen de tafel drukt in een poging verder lekken te stoppen. Ze staat op en haast zich naar buiten. De witte vierkantjes zijn snel gevonden, ze stapt met een stapeltje weer de kamer in. Ze loopt naar haar zitplaats, wil de doekjes op tafel leggen maar ziet dan wat hij ziet. Haar blik zoekt meteen de zijne. Twee keiharde blauwe stippen priemen terug. Geen redding meer mogelijk. "Excuseer." Ze grijpt haar tas en beent naar buiten, hem achterlatend met de thee, de verpeste vloer en het tafelblad waarin tussen het vocht nu duidelijk 10 letters droog en vettig te lezen zijn. "Kutbedrijf".

*S(t)oms

Soms, heel soms, stel ik me voor dat een vrouw behalve een 46-chromosomen bevattend individu (een mens) en een 47-chromosomen bevattend individu (een mens met het Down-syndroom) ook in staat is om een 48-chromosomen bevattend individu te baren. Als in de genen de mutatie +1 kan optreden, moet het toch ook mogelijk zijn +2 te produceren. Een aardappel heeft 48 chromosomen. Ik stel me de verbaasde blik van de man en vrouw voor wanneer de dame in kwestie van een aardappel bevalt, de kinderkamer voor niets ingericht. Ik vraag me af of ze in staat zou zijn haar eigen kind te koken en op te eten. En hoe vertel je het aan de familie? Tijdens de stamppot 'verrassing' roepen? Natuurlijk zou een aardappel niet levensvatbaar zijn in een mensenbuik, maar dat vergeet ik voor het gemak even.

Soms, heel soms, stel ik me voor dat ik mijn voorliefde voor seks combineer met mijn enorme gebrek aan ambitie. Dat ik iedere avond mijn haar opsteek en knellende schoenen aantrek om opgehaald te worden door een of ander omhooggevallen figuur. Dat ik me moet melden bij de escort-service wanneer er iets niet in de haak is en me verder vooral moet openstellen voor de mannen in kwestie. Carrière maken zit er niet in, maar ik verdien er wel een aardig zakcentje mee. Niet dat ik het ooit echt zou doen, maar het helpt me in mijn overtuigingen te blijven geloven: leuk werk is belangrijker dan goed betaald werk. En dat ik, mocht ik ooit zo diep in de goot geraken dat mijn huur niet meer betaald kan worden, de hoer wel speel. Dan vergeet ik voor het gemak de smerige mannen, de vervelende mannen, de mannen met te klein gereedschap, de mannen met teveel ego of de alles behalve aantrekkelijke mannen die ik dan ook zou moeten verwelkomen uiteraard. Over wel of niet jezelf te grabbel gooien heb ik het dan nog niet eens.

Soms, heel soms, stel ik me voor dat alle planten die ik ooit in mijn huis heb laten sterven wraak koesteren. Dat ze zich in het Herbinamaals of iets dergelijks verzamelen en op een dag massaal hun groene vingers van haat door de tijd steken en me in mijn slaap overvallen en smoren. Dat ik Kafkaësk tot maretak verword en voortaan bomen of andere planten nodig heb om in leven te blijven, oh zoete ironie. Dat ik als dorre tak op de vloer lig en zie hoe mijn huis uitgeruimd wordt. Dat ik nog een vruchteloze poging doe me om de voet van mijn verdwaasde moeder te wikkelen maar genadeloos in de gft-bak gedumpt wordt. Dat ik balend op de rottende eieren lig te wachten op mijn eind, de gestorven planten om medelijden smekend. Alles om, ik noem maar iets, nog maar een sigaret te kunnen roken.

Soms, heel soms, stel ik me voor dat ik me op een onbewaakt moment doodleuk voor een auto gooi. Dat ene moment van totale vrijheid tijdens de val, het niets meer hoeven of kunnen, het overgeleverd zijn aan de zwaartekracht zonder nog enige gedachte aan stress te moeten wijden. Dan de klap en het grote niets. Geen saaie gesprekken meer, geen sleur, geen eeuwige vraag wat ik vanavond eens ga koken, geen gezeik, gezanik of gedoe. Ik zou op dat moment wel langs de snelweg moeten lopen wil de auto me goed doodrijden, net naast het zebrapad heeft toch veelal alleen het effect van gekneusde ledematen, eventueel gehandicapt en kwijlend je verdere leven doorgaan, maar meer ook niet. Jammer ook dat de bestuurder zich rot zal voelen. Ik zou het nooit doen of willen, maar soms, heel soms zie ik het gewoon in een flits voor me, steek ik grinnikend maar altijd netjes nà de passerende auto over.

Soms, heel soms denk ik stomme, rare, politiek incorrecte of niet gewenste dingen die ik liever voor me houd. Ik bedoel er niets mee, ik meen het niet, ik wens het niet, maar die gedachten bestaan wel. En soms, heel soms, heb ik de neiging ze openbaar te maken middels een logje. In een poging toch dat vleugje onmenselijkheid in iedereen aan te spreken.

*e.d.i.t. te laat

Na een computerprobleem dat 24 uur nodig had alvorens mijn lieve pc weer Windows wilde runnen, ben ik na alle consternatie uiteraard vergeten om op 10 december de 10 x 10 te publiceren. Nu dus een dag te laat... zucht.
(Idee van Mis, alle inzendingen hier te vinden.)


Stil
Dringt het
Tot me door:
Hoe ik ook draai
Mijn hoofd links of rechts
Iets naar achter of naar voor
Het maakt niet uit hoe ik beweeg
In de spiegel gaat steeds hoe dan ook
Zonder hulp van mes of vijl of genadeloze boor
zonder enige vorm van pardon of excuus, mijn achterhoofd teloor.

*Yiehaa

*Jul

Tijd om weer eens de feiten bij elkaar te rapen, alvorens het vieren begint. Ikzelf ben geen kerstboomfan, geen 'katholieke denkbeelden'fan en geen 'materiële overdaad'fan. Kijkend naar de herkomst zijn er echter wel interessante dingen te melden:

De Germanen vierden rond Midwinter (21 december) reeds midwinter- of joelfeesten (winterzonnewende) waarbij het boze werd verjaagd en het licht werd begroet. In de Scandinavische talen heet Kerstmis tot op de dag van vandaag 'jul'.

Jul, het komende licht begroeten, is iets waar ik wel vrolijk van kan worden. Evenals de midzomernachten in Scandinavië, wanneer de zon niet ondergaat en je hele bioritme geklutst wordt.

In de vierde eeuw zorgde keizer Constantijn de Grote ervoor dat Kerstmis op 25 december zou vallen. Op deze datum werd rond de Middellandse Zee tot dan toe de zonnegod vereerd onder vele verschillende namen zoals Ra in Egypte en Helios in Griekenland. In het late Romeinse Rijk was dit vooral de zonnegod Sol Invictus (=de onoverwinnelijke zon). Omdat Jezus het Licht van de Wereld genoemd werd (zie Joh. 1), 'besloot' Constantijn dat hij rond deze feestdagen geboren moest zijn.

Die Constantijn zoog maar wat uit zijn duim dus, en kwam er nog mee weg ook...
Bovendien waren de dagen rond 25 december reeds vrije dagen der Saturnalia. De geboorte van Christus nam in de kerkelijke kalender daarvoor geen bijzondere plaats in, hoewel ze wel gevierd werd, en tot op de dag van vandaag geldt Pasen in het christendom eigenlijk als veel wezenlijker dan Kerstmis. Jezus Christus werd volgens het evangelie aan het einde van het Joodse jaar geboren, maar door de kalenderwijzigingen en de verschillen in tijdrekening, is de overzetting waarschijnlijk niet zeer accuraat, te meer, daar ook melding gemaakt wordt van kudden schapen in het veld bij Bethlehem. Dit is rond 25 december zeldzaam, hoewel niet onmogelijk.

Aan het einde van het Joodse jaar, met schapen in de wei... hartje winter is dan inderdaad de meest voor de hand liggende keuze...

Het woord 'Kerstmis' betekent eigenlijk 'Christus-mis', omdat dit feest alleen aan de geboorte van Christus toegewijd is, en is samengesteld uit de twee woor­den 'kerst' en 'mis'. Het woord 'kerst' is - waarschijnlijk in Vlaanderen - uit het woord Christus ontstaan; zo betekent "kerstenen" bijvoorbeeld "christelijk maken".

Dus de katholieke Belgen hebben het woord bedacht, de zon het tijdstip en Constantijn het feest, min of meer. Tot zover Kerstmis; maar hoe zit het eigenlijk met die kerstboom?

De kerstboom (een spar, en geen dennenboom) gaat terug op een vruchtbaarheidssymbool. Over de ouderdom van het gebruik als kerstboom lopen de bronnen zeer uiteen. Waarschijnlijk hadden reeds de Germanen voor de kerstening rond de tijd van winterzonnewende (joelfeest) een altijd groene boom in huis of op het erf. Feit is dat in het christendom de boom lange tijd werd geweerd, vooral ook door de Rooms-Katholieke Kerk.



Een spar op je erf was dus heidens...

Luther (begin 16e eeuw) verklaarde de kerstboom tot symbool van de geboorte van Jezus. Eerst stond de boom alleen nog in de kerken; eind negentiende eeuw haalden men hem, allereerst in protestantse landen, wederom de huiskamer binnen.

Alweer iemand die iets uit zijn duim zoog en ermee weg kwam...

De kerstboom herinnert de christen volgens Luther aan de boom in het paradijs; de kerstboomballen aan de vruchten waarvan Adam en Eva aten. De piek in de boom staat voor de ster die de Wijzen de weg wees naar de geboorte­plaats van Jezus; soms wordt de piek daarom door een ster vervangen.

Ja zo kan ik het ook. "De kerstboom is het symbool voor de hel. De naalden herinneren ons aan de pijn, de lichtjes aan de verzengende hitte en de versieringen aan de vlammende kleurenzee die de duivel verspreidt." Net zo aannemelijk, toch?

De katholieken gaven eerder aan de kerststal, eventueel met groene versieringen, de ereplaats in huis, pas sinds 1982 staat er in het Vaticaan ook een kerstboom. Protestanten weerden echter in het algemeen de beelden van de kerststal, vanwege hun beeldenverbod, vandaar dat de kerstboom bij hen meer succes had. Overigens bestond er rond de groene naaldboom in de zuidelijke katholieke landen ook geen voorgeschiedenis.

Protestants, katholiek, uiteindelijk doen ze dat wat het gezelligst is: een grote mengelmoes van alle gebruiken maken en hup, klaar is uw Kerstmis. Ik wens u alvast veel Julplezier, mede mogelijk gemaakt door Constantijn en Luther.

Duiveltje_2


(En Wikipedia heeft dit logje mede mogelijk gemaakt.)

*Error

Ze pakte haar telefoon op, woog hem in haar hand, legde vervolgens haar arm losjes op tafel. Ze waakte ervoor haar spieren niet per ongeluk een moment aan te spannen, dan moest ze weer opnieuw beginnen. Heel langzaam leek de telefoon in haar hand minder te gaan wegen. Ze keek door het raam naar buiten, leidde zichzelf af van haar lichaam. Na een tijdje kon ze met geen mogelijkheid meer bepalen of de telefoon er nog lag of niet. Ze probeerde zich voor te stellen dat wanneer ze haar blik op haar pols zou richten, haar hand verdwenen bleek. Opgelost in de lucht, zomaar. Ze draaide haar hoofd weer naar de telefoon maar bewoog per ongeluk haar elleboog een heel klein beetje. Meteen voelde ze het gewicht weer in haar palm drukken, haar vingers om het schermpje gevouwen.

Resoluut stond ze op en liep door de keuken naar de woonkamer. Daar stak ze de kabel van haar adapter in haar telefoon en wachtte routineus op het besmuikte piepje dat aangaf dat de batterij opgeladen werd. Na deze bevestiging liet ze het ding voor wat het was en nam de brief weer van de tafel. Haar ogen vlogen over het papier, waarschijnlijk de twintigste keer al vandaag. Terwijl ze de regels las vulde ze in gedachten de zinnen al aan, ze wist precies wat er stond. Ze deed nog een poging om de betekenis tot haar door te laten dringen, maar niets dan kalmte vulde haar gedachten. Ze ging zitten en riep: "Een dinosaurus in mijn kamer!"  Ze wachtte even, maar nee: niets. "Salade in mijn schoenen!" Niets. "Ze is gisternacht gestorven!" Nog steeds niets.

Het was precies als het object in je hand dat na verloop van tijd, als je lang genoeg niet bewoog, niet meer te voelen was. Minutenlang kon je dit rekken, naar je hand kijken zonder hem te voelen, niet in staat aan te geven waar hij begint en eindigt. Pas wanneer je weer een spier spande, al was het maar het miniem krommen van je pink, voelde je plots weer iedere vezel in je hand. Ze had zich gespecialiseerd in dit trucje toepassen op haar geest: zodra iets te onaangenaam was, te aanwezig of simpelweg onhandig zette ze haar gedachten op nul. Geen enkel woord, geen gevoel, kleur of beeld liet ze toe. Als ze zo lang genoeg bleef zitten leek haar geest de 'wereldsensoren' kwijt te raken en gingen haar gedachten over in een onbestemd grijs gebied. Het was geen mediteren, het was geen dissociëren, het was geen leegte. Alles was er nog, en ergens ver weg bestond de zekerheid dat niets zomaar verdwijnen kon, maar zolang ze niets deed bleef ze in het grijze gebied. Zo was ze de afgelopen jaren doorgekomen, het was prettig, heerlijk zelfs, te kunnen kiezen wanneer je wat voelde en hoe lang.

Een kleine beweging van de elleboog was genoeg om haar hand weer te voelen maar wat ze ook probeerde, welke bizarre beelden ze ook trachtte op te roepen, de inhoud van de brief weigerde betekenis te krijgen. Haar hersenen leken niet in staat 'terug te komen' zoals haar hand dat zojuist wél gedaan had. Ze snapte het, nam het in haar op, voelde het, maar daar bleef het bij. Geen schok, geen reactie, geen uitbarsting van emoties. Even leek ze in paniek te raken om deze volledige afwezigheid maar zelfs dat gevoel zette niet door. "Ze is dood. Echt. Weg. Voorgoed." Ze voelde wat dat inhield. Het fenomeen sterven drong tot haar door. Begrafenis, koffietafel, telefoonnummer wissen, inboedel verdelen en dan kon het missen beginnen. Op straat denken haar te zien lopen, tijdens het koken opeens een herinnering aan haar hebben, de leegte in je hart accepteren.

Ze bevatte het, voelde het, maar toch ook weer niet. Ze gilde. Niets. Ze probeerde verdriet te voelen. Niets. Wel een latent gevoel van onrust, maar verder dan dat kwam ze niet. Ze beende met grote passen door de kamer, hield stil voor de spiegel. Ze keek zichzelf aan, knipperde met haar ogen. "Dit klopt niet." Ze herhaalde de zin net zolang tot de woorden als vanzelf uit haar mond leken te rollen. Tussen haar wenkbrauwen ontdekte ze een vierkante vlek. Ze boog naar voren en duwde met haar hand op de plek. Hard en koud. Ze trok haar vinger terug, deed een stap naar achteren. Langzaam veranderde haar voorhoofd in een zilverkleurige opeenhopig van plaatjes, bedrading en chips. Ze keek toe hoe haar huid vervangen werd voor ijzeren schroefjes en plaatjes. Ver weg hoorde ze de drie woorden steeds weer klinken, maar het deed haar niets meer. Ze stapte op het bureau af, nam in kleermakerszit plaats op de hoek en bekeek hoe haar hele lichaam langzaam vervormde. Ze voelde zich als haar hand daarstraks: alsof ze langzaam gewichtloos werd. Ze verzette zich niet, liet het gebeuren.

...

"Geen idee, ze is gewoon spoorloos verdwenen nadat haar moeder overleden is. Nee, ze heeft niets meegenomen, zelfs geen schoenen. Ja, ik zal u op de hoogte houden. Nee, alleen een computer en haar telefoon, verder niets persoonlijks op de rouwbrief na, zelfs geen foto's. Nee, beide apparaten lijken zo uit de fabriek te komen, op een opgeslagen smsje en een schermvullende monitortekst na: "Dit klopt niet". Ja heel vreemd. De buren hebben gebeld, die hoorden al zo'n tijd niets meer. Is goed, ik laat het u weten als we nog iets vinden. Goedemiddag."

*Bodies, brownies & boekweit

Alsof je gebakken kipfilet een paar uur in water laat weken. Of grote klonten kauwgom uitrekt. Daar had het iets van weg. 'Bodies the exposition' was de moeite waard. Wanneer je rondloopt tussen de lichamen bekruipen je drie gedachten: wat is de mens eigenlijk absurd complex, wat moeten de makers hier ontzettend veel uren werk aan gehad hebben en wat bizar dat de verzameling spiermassa's en organen, vetlagen en de huid, zenuwen en botten die hier voor me staan ooit echt personen waren; mensen met een leven, die rond hebben gelopen, vrienden hadden, hobby's uitoefenden, lachten, huilden. Twee en een half uur heb ik mijn ogen uitgekeken, en al die tijd blijf je je bewust van bovenstaande gedachten. Een aanrader.

Na de expositie ging ik boodschappen doen. Het meisje achter de kassa wenste me een goedemiddag, ik keek haar aan en zag het vel van haar gezicht glijden. De bloedvaten kronkelden over haar botten, de spierlagen bewogen bij haar woorden, de tong, het aambeeld en het hamertje zag ik zitten. 'Bodies' had indruk gemaakt, zoveel was me al snel duidelijk. Ik rekende mijn bouwpakket Brownies af, voor nog geen twee euro haal je de hemel in huis. Een kind kan de was doen: water en boter erbij, in de oven en wachten maar. De chocoladegeur vult je neusholten, nog even laten afkoelen en genieten maar. Chocoladeliefhebbers zullen gelukkig zijn, het is overheerlijk. 6% van de mannen en 33% van de vrouwen hebben een obsessie voor chocola. Count me in.

Ik slaap op een boekweitkussen, al jaren, om mijn rug-, nek- en schouderspieren te plezieren. Om de twee jaar moet de vulling vervangen worden. Het nieuwe kussen is compacter, voller, dikker en stugger. Afgelopen nacht was het moment: van oud naar nieuw, een soort kussen-nieuwjaar. De hoeveelheid chocolade in mijn lijf mocht niet baten, het lag voor geen meter. In gedachten zag ik de spiergroepen in mijn schouders: roze-rood en gespannen. Zoals altijd bij een kussenwissel moet ik wennen aan het nieuwe ding, ik heb de halve nacht geen oog dicht gedaan. De verleiding op te staan en dit logje in het holst van de nacht te schrijven weerstaan, de verleiding de hele berg brownies naar binnen te schrokken ook. Goedemorgen allemaal, bij deze zijn we weer bijgepraat wat mijn week betreft. De afgelopen dagen bij u toevallig ook in het teken van b's gestaan?

Laatste reacties

.....................................

  • ~ONDERDELENSHOP~

    Ik heb bijvoorbeeld een rug, twee schouders...


    ...en ook knieën, ellebogen, een neus en een mond...


    ...en oh ja, hier heb ik er ook twee van.

.